Er was slechts 1 bespreekpunt, namelijk de beheersverordening recreatiecentrum Braakman. Curieus was dat de betrokken wethouder gelijk aankondigde dat hij de regie van de gesprekken met de belanghebbenden in de Braakman had overgedragen aan wethouder van Schaik.

Een soort onduidelijk "betrokkenheidsprobleem" benoemde hij als reden, waarna erg snel overgegaan werd naar zijn conclusie dat Wethouder Van Schaik dit tot nu toe voortreffelijk had gedaan (?). Lijkt ons een conclusie voor de raad, maar allez... In de commissie Omgeving is het wat betreft de Braakman over alles gegaan, behalve over de zo ongeveer belangrijkste kwestie waar ook recreatiebedrijven, zeker campings het van moeten hebben, zeker als ze niet pal aan zee zitten, de omgevingskwaliteit, ofwel de ecologie. Vandaar dat we deze vergadering met toestemming van de voorzitter volop gebruikt hebben dit aspect onder het licht te brengen. Oostappen is als een razende roeland tekeer gegaan. Honderden volgroeide bomen en struiken van alle soorten zijn voor de bijl gegaan en dat in broedtijd. Kan dat zomaar in het kader van de fauna en florawet? Oostappen had haast vanwege de late lente, was het antwoord, maar of men ontheffing had is niet duidelijk uit het antwoord. Het winterregime ten bate van overwinterende watervogels op de kreekwateren, blijft het zelfde. Er zal dan gedurende een periode niet gezeild, waterskied of anderszins worden. De wethouder zegt niet helemaal te weten of het afschuiven van een ecologische waterrand bij het restaurant toegestaan is. Het tonen van de bestemmingstekening bracht hem geen duidelijkheid, en ons dus ook niet (hoewel die tekening heel duidelijk is). Onze conclusie was dat voor al die ingrepen in de flora een ontheffing had moeten worden aangevraagd en die kan er niet geweest zijn toen Oostappen met zijn activiteiten begon. We hebben gevraagd de natuurtoets e.d te kunnen inzien. We kunnen ons niet voorstellen dat dit soort ontheffingen zomaar worden verleend, daar bijvoorbeeld bij de sloop van Bellevue, binnenstad uitstel is afgedwongen vanwege de vleermuizen die nog niet ontwaakt waren uit hun winterslaap. Waarom de gemeente daar niets mee gedaan heeft is ons dan ook een raadsel. Dat de wethouder weinig sjoege had van wetgeving op ecologie was gezien zijn antwoorden ook duidelijk. Slotconclusie: Fijn dat een investeerder in deze tijd de moeite neemt een recreatiecentrum nieuw leven in te blazen, maar als elk ander bedrijf in ons schone polderland moeten ook zij zich houden aan de regels die ertoe dienen ook andere belangen te beschermen, zeker als het hier gaat om een belang waarin afgelopen jaren heel veel is geinvesteerd, vooral met publieke middelen, en ten behoeve van een hoge kwaliteit natuurterrein die de omgeving vormt van de camping, en waar ook hun gasten gebruik van maken. Om verschillende reden was een groot deel van de Raad het hier ook mee eens.